We zijn aangekomen in de laatste, afrondende fase van de herfst. In deze dagen vechten versplinterde delen van mij—geschakeerd en half stervend als een blad waarin alle kleuren samenkomen—om mijn beperkte aandacht. Mijn lichaam verlangt nu al naar de rust en stilte die de winter zal brengen, maar eerst mag ik mijn chaos aankijken.
Het proces van de herfst, loslaten en terugkeren naar dat wat er toe doet in mijn leven, kan alleen als ik mezelf ontdoe van franjes en rafelranden. In het grote experiment van lente en zomer heb ik een web geweven, mezelf verbonden aan allerlei levensexperimenten om te ontdekken wat bij me past en welke nieuwe identiteiten ik mezelf wil aanmeten. Maar niet alles beklijft.
In de herfst maak ik schoon schip door mezelf te ontdoen van mijn web, zodat ik niet hulpeloos blijf hangen, ingekapseld door de chaos van onnodige zaken die mijn aandacht eisen. Niets is zo vervelend als in de winter van alles moeten zonder de energie ervoor op te kunnen brengen. Met de snel donker wordende dagen wordt mijn daadkracht wederom een kostbaar goed. De natuur rondt af en maakt zich klaar voor de stilte door alleen bij zich te houden wat het nodig heeft om de winter te overleven.
Deze periode ligt me altijd goed, mogelijk is het zelfs mijn favoriete tijd in het jaar. Ik heb altijd een fascinatie voor minimalisme gehad en geniet van de schoonheid in eenvoud, mogelijk omdat ik me wat veiliger voel met een beetje orde in een wanhopig chaotische wereld. Ik dans voortdurend tussen het speelse kind dat alles wil ontdekken en de oude monnik die wil berusten in eenvoud. In de herfst wijkt het kind voor de monnik.
Onze toewijding aan leegte
De loop van de seizoenen geven een structuur waarin we kunnen berusten. Dus maak ik nu lijstjes van open zaken, alles wat ik rond wil maken, fantaseer ik over alles wat ik wil loslaten en kijk ik uit naar de creatieve projecten die ik wil oppakken in de tijdloze zee van ruimte die de winter kan brengen.
Het gevaar in deze tijd van het jaar is ons niet te richten op wat er toe doet en daarmee de laatste krachtige impuls in het jaar verspillen aan randzaken of afleiding. Dat wat er toe doet, is bijna nooit het makkelijkste om op te pakken. Het vereist ruimte en toewijding, waar we nu voor mogen zorgen.
We maken onszelf los uit het web van verwachtingen die we onszelf hebben opgelegd, om ruimte te creëren voor vruchtbare leegte. Hiermee cultiveren we de moed om de moeilijke dingen aan te kijken die de ziel van ons verlangt, maar waar we in de drukte altijd een excuus voor kunnen verzinnen.
Warme groet, Sacha
Gepubliceerd op door Sacha Post. Dit essay is onderdeel van de wekelijkse brieven. Ontdek meer essays over herfst in de archieven.