Voordat het leven je dwingt

Over de bronnen die je dwingen te stoppen en de moeizame weg terug.

We naderen de Advent, een periode van vier weken in verwachting van het eerste licht, de vlam van de oorsprong die aan het leven vooraf ging. Daarmee is de Advent een periode van vasten in de breedste zin van het woord. Het is onze laatste kans om vóór het nieuwe jaar volledig in het reine te komen met onszelf; om bewust te kiezen wat we laten afsterven, de oude huls die we achterlaten in de schaduw.

De tijden rond de wendes zijn als de scharnieren van het jaar, de cumulatieve hoogtepunten van licht en donker waar we bewust dan wel onbewust op reageren. De tijd rondom de winterwende grijpt me ieder jaar weer aan. Juist het gevoel dat deze stille tijd me kostbaar is kan me bevriezen en verleiden tot randzaken en afleiding. In mij heerst het verlangen naar onbekommerde tijd in een periode die onnodig druk voelt. Deels omdat iedereen bezig is met afronden en tegelijk van alles wil met de feestdagen, maar ook door de druk die ik mijzelf opleg om alles goed te doen. In deze periode ben ik vaak in gevecht met mijzelf, lange tijd onbewust onbekwaam, nu eerder bewust onbekwaam.

Toewerken naar het licht vraagt moed en uithoudingsvermogen. Want falen doe ik iedere dag. Iedere dag heb ik reden om teleurgesteld te zijn in iets wat ik had willen doen of laten. Iedere dag kan ik mijzelf verleiden te denken dat het vandaag niet meer uitmaakt, dat de dag al vergeven is.

Durven inzien dat ik een verkeerd pad ben ingeslagen vereist moed, want ik sta op dat moment voor een keuze. Aan de ene kant de verraderlijk simpele weg verder naar beneden, aan de andere de pijnlijke weg terug bergopwaarts. De weg naar boven is de weg terug naar het beginpunt, waar ik vandaan kwam voordat ik verdwaalde. Het is de opgang waarin ik mijn uithoudingsvermogen op de proef stel en mijn waardigheid terugwin.

Stoppen alvorens je begint

Boven mijn bureau hangt een lijstje met bronnen van waarde. Dit zijn stuk voor stuk activiteiten waarvan ik weet dat ze me helpen in contact te komen met de bron van het leven in mij. Geen van allen zijn ze makkelijk om mee te beginnen, maar wanneer ik ze bewust inzet verliest de korte weg naar beneden zijn glans. Het zijn bronnen die me forceren de trein waar ik in zit te stoppen en te overwegen of ik met het juiste bezig ben.

Mogelijk is niet meer weten hoe te stoppen de grootste uitdaging van onze tijd. Stoppen, evenals opnieuw beginnen, vereist moed, want het is beangstigend om goed om ons heen te kijken wanneer we eigenlijk al weten dat we verdwaald zijn. Het grijpt terug naar een primaire angst om ten dode opgeschreven te zijn.

Denk na over je bronnen die je forceren te stoppen. Momenten door de dag heen, en zeker aan het begin en het einde van de dag, ingewijd en geheiligd, om te rade te gaan bij jezelf. Stop jezelf, voordat het leven je forceert te stoppen, want je belandt al snel in een woeste leegte wanneer je pas uitstapt na een noodstop.

Van dag tot dag oefen ik op de moeizame weg terug naar het beginpunt, het moment voordat ik een verkeerd pad insloeg. De weg terug naar boven brengt me terug naar het licht. En daarvoor moet ik eerst stoppen, zeker in deze tijd van het jaar.

Gepubliceerd op door Sacha Post. Dit essay is onderdeel van de wekelijkse brieven. Ontdek meer essays over winter in de archieven.